PIETENDRIES HEEFT OPNIEUW MOLENAARS
Het Nieuwsblad - 02-02-2010 - Erwin Mynsberghe
LEGENDARISCHE MAALDER HENRI TAETS HEEFT EINDELIJK OPVOLGERS
KNESSELARE - De wieken van de eeuwenoude Pietendriesmolen, op de grens tussen Aalter en Knesselare, draaien sinds kort opnieuw. Dankzij twee molenaars kan je er terecht voor ambachtelijk gemalen meelsoorten.
De Pietendriesmolen heeft er een lange geschiedenis opzitten. De eerste vermelding van dit imposante bouwwerk dateert al uit 1563 waarin de molen beschreven wordt als de opvolger van de vroegere Oostmolen in het nabijgelegen Aalter. Na het omverwaaien van de molen tijdens een storm werd hij 1804 herbouwd met de stukken van zijn verongelukte voorganger.
De molen werd in 1968 beschermd als monument en de gemeente Knesselare liet hem in 1983 grondig herstellen. Vorig jaar werd de molen weer maalvaardig gemaakt en sinds kort huizen er weer twee molenaars in de 'Toatse Meuln', de naam die in volksmond gebruikt wordt en die refereert naar de laatste legendarische beroepsmaalder Henri Taets.
Op de tweede en vierde zondag van de maand zorgen Mike Ekelschot uit Sint-Maria-Aalter en Maarten Osstyn uit Adegem ervoor dat de Pietendriesmolen opnieuw z'n taak vervult waar hij oorspronkelijk voor gebouwd werd, namelijk het malen van allerlei graansoorten tot meel.
Opmerkelijk is de jonge leeftijd van de molenaars: Maarten is er 20 en Mike 29. 'Toen ik 12 jaar was, passeerde ik onderweg naar mijn tante steeds een molen in Zwijnaarde en daar is de fascinatie voor die draaiende wieken ontstaan', vertelt Maarten, die studeert voor leraar. 'Ik ben dan molens beginnen fotograferen en ook een cursus tot molenaar gevolgd en via via kreeg ik dan de kans om hier in de Pietendriesmolen aan de slag te gaan. Ik vind een draaiende molen iets heel ontspannends hebben.'
Mike is van beroep molenrestaurateur. 'Ik ben opgegroeid met het molendraaien, dus voor mij was het vrij logisch dat ik hier ben terechtgekomen.'
Hoe ziet hun gemiddelde werkdag eruit? 'We zeilen de wieken op en doen de molen draaien. Verder doen we onderhouds- en restauratiewerken en ontvangen we bezoekers. En we malen natuurlijk allerlei graansoorten zoals tarwe, rogge en spelt tot diverse meelproducten die hier dan kunnen aangekocht worden. Gemalen spelt is bijvoorbeeld zeer geschikt om pannenkoeken te maken.'
Worden ze betaald voor hun molenaarscapaciteiten? 'In feite gaat het om vrijwilligerswerk', vertelt Maarten. 'Maar we krijgen van de provincie subsidies naargelang het aantal omwentelingen. Vorig jaar waren er dat er bijvoorbeeld 53.000.'
In deze hoogtechnologische tijden lijkt molenaar zijn niet echt iets waar je mee kan uitpakken in de vriendenkring, maar schijn bedriegt ook ditmaal. 'We krijgen heel wat positieve reacties', is te horen. 'Als mensen horen dat we molenaar zijn, dan moeten we altijd heel wat vragen beantwoorden. Zo vroeg een vriend eens of we de hele dag aan een hendeltje staan te draaien.'
KNESSELARE - De wieken van de eeuwenoude Pietendriesmolen, op de grens tussen Aalter en Knesselare, draaien sinds kort opnieuw. Dankzij twee molenaars kan je er terecht voor ambachtelijk gemalen meelsoorten.
De Pietendriesmolen heeft er een lange geschiedenis opzitten. De eerste vermelding van dit imposante bouwwerk dateert al uit 1563 waarin de molen beschreven wordt als de opvolger van de vroegere Oostmolen in het nabijgelegen Aalter. Na het omverwaaien van de molen tijdens een storm werd hij 1804 herbouwd met de stukken van zijn verongelukte voorganger.
De molen werd in 1968 beschermd als monument en de gemeente Knesselare liet hem in 1983 grondig herstellen. Vorig jaar werd de molen weer maalvaardig gemaakt en sinds kort huizen er weer twee molenaars in de 'Toatse Meuln', de naam die in volksmond gebruikt wordt en die refereert naar de laatste legendarische beroepsmaalder Henri Taets.
Op de tweede en vierde zondag van de maand zorgen Mike Ekelschot uit Sint-Maria-Aalter en Maarten Osstyn uit Adegem ervoor dat de Pietendriesmolen opnieuw z'n taak vervult waar hij oorspronkelijk voor gebouwd werd, namelijk het malen van allerlei graansoorten tot meel.
Opmerkelijk is de jonge leeftijd van de molenaars: Maarten is er 20 en Mike 29. 'Toen ik 12 jaar was, passeerde ik onderweg naar mijn tante steeds een molen in Zwijnaarde en daar is de fascinatie voor die draaiende wieken ontstaan', vertelt Maarten, die studeert voor leraar. 'Ik ben dan molens beginnen fotograferen en ook een cursus tot molenaar gevolgd en via via kreeg ik dan de kans om hier in de Pietendriesmolen aan de slag te gaan. Ik vind een draaiende molen iets heel ontspannends hebben.'
Mike is van beroep molenrestaurateur. 'Ik ben opgegroeid met het molendraaien, dus voor mij was het vrij logisch dat ik hier ben terechtgekomen.'
Hoe ziet hun gemiddelde werkdag eruit? 'We zeilen de wieken op en doen de molen draaien. Verder doen we onderhouds- en restauratiewerken en ontvangen we bezoekers. En we malen natuurlijk allerlei graansoorten zoals tarwe, rogge en spelt tot diverse meelproducten die hier dan kunnen aangekocht worden. Gemalen spelt is bijvoorbeeld zeer geschikt om pannenkoeken te maken.'
Worden ze betaald voor hun molenaarscapaciteiten? 'In feite gaat het om vrijwilligerswerk', vertelt Maarten. 'Maar we krijgen van de provincie subsidies naargelang het aantal omwentelingen. Vorig jaar waren er dat er bijvoorbeeld 53.000.'
In deze hoogtechnologische tijden lijkt molenaar zijn niet echt iets waar je mee kan uitpakken in de vriendenkring, maar schijn bedriegt ook ditmaal. 'We krijgen heel wat positieve reacties', is te horen. 'Als mensen horen dat we molenaar zijn, dan moeten we altijd heel wat vragen beantwoorden. Zo vroeg een vriend eens of we de hele dag aan een hendeltje staan te draaien.'
Dit artikel heeft een link met volgende molen(s):
| Foto | Naam en Gemeente | Type |
![]() | Pietendriesmolen Knesselare - Knesselare | staakmolen met gesloten voet |

